Drijfveren goochelaar en ontsnappingskunstenaar Sander van Veldhoven

‘Een ontsnapping is alleen maar boeiend als het mis kan gaan’

Waarom doen mensen de dingen die ze doen en maken ze de keuzes die ze maken?
In een serie interviews gaat de Delftsche Courant op zoek naar drijfveren van mensen. Vandaag deel 3: Sander van Veldhoven, goochelaar, ontsnappingskunstenaar en magiër in Den Hoorn.

Met een plons verdwijnt hij zaterdagmorgen in het water van zwembad Kerkpolder. En als een steen schiet hij naar de bodem. Vastgebonden met kettingen en boeien. Nog geen minuut later komt Sander van Veldhoven (31) weer boven water en hijst zich op de kant. Het publiek, dat samen met het zwembad het 25-jarig bestaan biert, is tevreden.

Voor van Veldhoven is het zijn laatste onderwaterontsnapping. Voor hem is de lol eraf. Hij is op zoek naar nieuwe uitdagingen. Van Veldhoven woont heel zijn leven al in Den Hoorn. “Ik heb hier altijd gewoond. Eerst bij mijn ouders. Pas op m’n 27-ste ben ik op mezelf gaan wonen. Dat is best laat, maar het is erg moeilijk om hier in het dorp wat te vinden. Bovendien moest je je inschrijven als woningzoekende en dat heb ik nooit gedaan. Ik had me daar nooit mee bezig gehouden. Toen ik me inschreef bij de Gemeente Schipluiden, kreeg ik dezelfde week al een brief met het aanbod voor een woning.”
En dus blijft van Veldhoven in Den Hoorn wonen, al wordt hij overal aangekondigd als goochelaar uit Delft. “Ik zeg altijd dat ik uit Delft kom, anders moet je steeds weer uitleggen waar Den Hoorn ligt.”

Als kind kreeg van Veldhoven, zoals zoveel kinderen, op een verjaardag een goocheldoos. Sindsdien is hij voortdurend met kaarten in de weer. Hij krijgt er lol in en wordt gegrepen door het goochelvirus. “Als je eenmaal met die kaarten in de weer bent laat je dat nooit meer los. Als ik een kroeg binnenloop en er zitten mensen aan een tafeltje te kaarten heb ik toch de neiging om even een truc te laten zien. Je kunt me er ’s nachts voor wakker maken.”

Hij is ook steeds op zoek naar nieuwe trucs. Als 16-jarige ziet hij in 1988 de wereldkampioen van dat jaar in de weer met kaarten, balletjes en munten. Hij neemt de truc op video op en bestudeert de banden net zo lang tot hij de trucs onder de knie heeft. “Ik wilde doen wat die vent kon en dat lukte. Ik kon dezelfde trucs als de wereldkampioen.” Van Veldhoven droomt dan nog van een geweldige carrière met fantastische trucs. Hij meldt zich bij een goochelclub en verdiept zich in de goochelkunst. “Het leuke van goochelen is dat je mensen kunt vermaken.”
Van Veldhoven ziet goochelen vooral als entertainment en niet zozeer als het belazeren van mensen. Hij treedt vooral op als tafelgoochelaar voor feestjes. Hij loopt dan bijvoorbeeld op een bruiloft tussen de tafels door en doet hier en daar een paar trucs met kaarten. “Ik doe weinig op een podium, ik ben niet zo’n podium mens. Ik vind tafelgoochelen veel leuker, want dan moet je omgaan met de reacties van mensen en zitten mensen heel dicht bij de truc.”

De behendigheid nam toe, de trucs werden groter, maar van Veldhoven wilde meer en bleef zoeken naar spraakmakende trucs.
Na de lagere school in Den Hoorn ging hij naar de MAVO in Delft. “Daarna heb ik nog wat verder geploeterd op de MTS en de MEAO. Uiteindelijk heb ik wel een diploma gehaald. Ik had niet echt een doel voor ogen. Na mijn militaire dienst heb ik allerlei baantjes gehad. Een aantal jaren geleden ben ik in de automatisering terecht gekomen en dat doe ik nu nog steeds. Ik werk nu als systeembeheerder; een full-time baan, dat heb ik gewoon nodig.”
Een aantal jaren geleden had van Veldhoven nog hele andere plannen. Hij wilde doorbreken als goochelaar. “Ik was van plan om door te breken. Ik vond het gaaf om stunts te doen en daarmee publiek op de been te brengen en voor ophef te zorgen.” Een truc met kaarten en balletjes was voor van Veldhoven niet meer genoeg. Hij wilde op televisie en wereldwijde aandacht. Die aandacht bleef uiteindelijk uit. Wat hij ook probeerde.
Het begon met geblinddoekt autorijden. Van Veldhoven baarde opzien met een autorit door Delft van een half uur, zonder dat hij kon zien waar hij reed.
Hij herhaalde de truc, want dat is het volgens hem, nog een paar keer maar ging snel op zoek naar nieuwe uitdagingen.
“Ik vond geblinddoekt autorijden niet voldoende. Ik dacht: er zit meer zin. In december 1996 bedacht ik het om het winnende lotnummer van de OUdejaarsloterij te voorspellen. Ik kreeg een ingeving, schreef het winnende nummer op en stopte het in een kluis. Het was het goede nummer. Ik weet het nog: BD032584.”
De stunt zorgde voor veel ophef maar wereldfaam bleef opmerkelijk genoeg uit.
“David Copperfield heeft jaren later dezelfde truc gedaan. ook een voorspelling. Hij haalde de wereldpers. Daar heb ik me eigenlijk heel vaak over verbaasd. Amerikanen krijgen altijd enorme aandacht, ook in de wereldpers. Als ik hier iets doe, blijft het beperkt tot regionale aandacht. Het zou flauw zijn om dat Nederlanders te verwijten, maar ze zijn wel wat nuchterder dan de Amerikanen.”

Tegelijk met de voorspelling van de loterij kwam van Veldhoven met een nieuwe stunt: de onderwaterontsnapping. Hij ging het gevaar opzoeken. “Het moest opvallend zijn. En dat het mis kan gaan, dat is juist de kick. Een ontsnapping is alleen maar boeiend als het kan eindigen met de dood.” van Veldhoven oefende net zo lang tot hij zich moeiteloos op de bodem van een zwembad uit de boeien kon bevrijden. Al ging het 1 keer bijna mis. “Toen heb ik hem echt geknepen en dacht ik dat het fout ging. Niet mijn vaste partner, maar iemand anders had de boeien en kettingen vastgemaakt en ik kreeg ze echt niet los. Pas op het allerlaatste moment lukte het toch nog. Zelfs het publiek had in de gasten dat er iets mis ging, want er werd niet geklapt toen ik boven water kwam.”
Bijna wreekte het zich dat van Veldhoven geen noodscenario heeft. “Ik ga ervan uit dat het niet mis gaat. Er is natuurlijk een factor dat het wel mis kan gaan maar ik neem geen beveiligingsmaatregelen er is nooit een noodscenario. Ik ben altijd heel onverschillig.”

Waar van Veldhoven nauwelijks grenzen heeft, hebben anderen die wel. Tot grote teleurstelling van de ‘Delftse’ stuntman. Zo sneuvelde het idee om in een dwangbuis aan een kraan naast een tikkende bom te gaan hangen. Geen kraanbedrijf wilde materiaal ter beschikking stellen. En ook de act om geboeid en vastgeketend op een achtbaan te gaan liggen, ging op het laatste moment niet door omdat pretparken er toch liever niet aan mee willen werken. Stel je voor dat het mis gaat.
Wereldfaam is nog steeds niet voor hem weggelegd. Zijn stunts zijn tot nu toe beperkt gebleven tot de regionale televisie en Willibrord Frequin. Van Veldhoven deed in het programma van Frequin tot tweemaal toe opzienbarende ontsnappingsstunts (met een sloopkogel en een galg) die allebei op het laatste moment goed gingen. Het leverde mooie televisie op, maar geen grote bekendheid.
Daarvoor had hij misschien naar Amerika moeten gaan. “Daar ben ik te gewoontjes voor. Ik accepteer dat dit het hoogst haalbare is. Dat vind ik niet erg. Misschien had ik het wel gered als ik er echt alles voor over had gehad. Maar dat had ik niet.” Ondanks uitblijvende faam werkt van Veldhoven aan een nieuwe stunt: de kogelvang.
“Een ontsnapping komt altijd weer op hetzelfde neer. Het is hetzelfde thema. Ik wil nu een kogel opvangen met mijn handen die uit een pistool op mij af wordt gevuurd. Het liefst doe ik dat bij een schietvereniging, maar ik weet nu al dat er geen schietvereniging te vinden is die hieraan mee wil werken. Het moet zo opzienbarend mogelijk zijn. Het liefst vang ik de kogel op tussen mijn tanden. En dan zo op een bordje laten vallen.”